Huurbetalingen worden wel geclassificeerd als brengschuld waardoor er geen noodzaak bestaat om herinneringen te versturen voordat de vordering uit handen gegeven kan worden ter incasso.
Maar in de gevallen dat de betaling van de hoofdsom en de datum van de eerste sommatiebrief vrij dicht bij elkaar liggen en de incassokosten een substantieel bedrag behelst, kan dit onderuit worden gehaald door te stellen dat er geen kosten zijn gemaakt ter grootte van het gevorderde incassokosten-bedrag. Daarmee voldoen ze niet aan de redelijkheid en worden ze over het algemeen door rechters afgewezen.
Een vergelijkbaar geval is te vinden onder
www.rechtspraak.nl/ljn.asp?ljn=AU7640 Lees dan de onderdelen 4.12 4.13 en 4.14.
Kortom, in uw geval is het goed om een vertragingsvergoeding te betalen op basis van de wettelijke rente en een kleine vergoeding voor het opstellen van een dossier en het versturen van een brief. Een redelijk bedrag daarvoor is €50,-
Overigens zijn schuldeisers ook niet snel geneigd om een proces te voeren voor alleen de gevorderde en onbetaalde incassokosten. Zeker als blijkt dat de cliënt zich (goed) zal verweren.